Hoe maak je een tuin voor bestuivers scaled

Zo heet je bijen, vlinders en andere bestuivers welkom in je tuin

Bijen zijn klein, maar geweldig. Honingbijen en andere bestuivers zijn namelijk essentiële soorten binnen het ecosysteem van onze planeet. Meer dan 80% van de bloeiende planten hebben bestuivers nodig om zicht voort te kunnen planten. Een op de drie (!) happen voedsel die je eet, wordt geproduceerd met hulp van bestuivers. Denk bijvoorbeeld aan chocolade, koffie, appels, pompoenen, amandelen en nog veel meer.

Helaas daalt de populatie bestuivers snel. Dit wordt veelal veroorzaakt door het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw en de geïndustrialiseerde en geïntensiveerde landbouwpraktijken van grootschalige voedselproducenten. Zij vernietigen de natuurlijke habitat van bestuivers. Het zij echter niet alleen grote landbouwbedrijven die bijdragen aan het dalen van de populatie. Ook ongedierte, zoals mijten, virussen en schimmels die uit het buitenland worden geïmporterd, en klimaatverandering en -vervuiling helpen niet mee.

Maar, er is hoop! We kunnen bijen en andere bestuivers helpen om een comeback te maken. Dit doe je bijvoorbeeld door je tuin bij-vriendelijk te maken. Het maakt niet uit of je een balkontuintje hebt of een groot landgoed; alle beetjes helpen. Volg de stappen in dit artikel, zodat bestuivers jouw tuin(tje) niet kunnen weerstaan.

Benodigdheden:

Wilde bloemenzaad
Kruidenzaad
Voederhuisje
Insectenhotel

Wat zijn bestuivers?

De meeste mensen denken natuurlijk meteen aan de bekendste bestuiver: de bij. Dit diertje besteedt het grootste gedeelte van zijn leven aan het verzamelen van stuifmeel en is daarmee een van de meest efficiënte bestuivers. Een enkele bijenkolonie kan in één dag meer dan drie miljoen bloemen bestuiven. Maar bijen zijn natuurlijk niet de enige bestuivers. Vlinders en libellen zijn ook schitterende bestuivers. Vergeet daarnaast vooral de motten, vliegen en kevers niet. En je denkt er misschien niet als eerste aan, maar vogels, vleermuizen en sommige knaagdieren zijn ook goede bestuivers.

Of ze nou op zes pootjes of met vleugels komen, bestuivers gebruiken speciale gebieden van hun mond om nectar te drinken en stuifmeel te eten van bloeiende planten te eten. Daarnaast verzamelen ze stuifmeel op hun vecht, veren of schubben en dragen ze dat stuifmeel van plant naar plant. Dit proces, dat kruisbestuiving wordt genoemd, is van groot belang voor de voortplanting van veel planten en de teelt van noten en vruchten en groenten. Daarbij vergroot het de genetische diversiteit van planten, waardoor planten ontstaan die beter bestand zijn tegen winterse omstandigheden en klimaatverandering.

Een bestuivers-vriendelijke tuin aanleggen

Net zoals andere levende wezens hebben bestuivers verschillende belangrijke dingen nodig om te overleven: voedsel, water en beschutting. Bestuivers hebben een veilige omgeving nodig die vrij is van synthetische chemicaliën en pesticiden die geen onderscheid maken tussen ongedierte en bestuivers. Hieronder vind je enkele beproefde methoden om een goede bestuivershabitat te creëren. Je tuin hoeft niet al deze elementen te bevatten, maar hoe meer, hoe beter!

Breng variatie aan in je tuin

Smaken verschillen. Sommige mensen eten het liefst pizza, anderen kiezen liever voor sushi. Sommige mensen kleden zich graag in het zwart, waar anderen zich uitdossen in felle kleuren en glitter. Wij hebben allemaal onze voorkeuren en dat geldt ook voor bestuivers. Houd daar rekening mee bij het aanleggen van een bestuivingstuin. Bijen, kevers en vlinders hebben allemaal verschillende behoeften. Ze houden van verschillende vormen, kleuren en geuren. Kleine kevertjes kruipen graag in piepkleine bloemen, terwijl hommels daar juist niet in passen.

Je let dus op de vorm van de bloemen, maar varieer ook met kleur en geur. Bijen zijn gek op witte, blauwe, gele en paarse bloesems, maar vlinders zoeken eerder rode en paarse bloemen pop. Nachtvleermuizen worden echter minder aangetrokken door kleur en zoeken naar sterk geurende bloemen die ’s nachts bloeien.

Zorg dus voor afwisseling in je tuin. Kies voor bloemen in verschillende kleuren, vormen, maten en geuren zodat iedere bestuiver aan zijn trekken komt.

Vergeet de larven niet

Gedurende hun levenscyclus hebben bestuivers telkens verschillende behoeften. Een rups voedt zich met andere planten dan een vlinder. Als je een bepaalde bestuiver wil aantrekken, houd dan rekening met al zijn levensstadia. Er is een hostplant nodig voor de volwassen dieren om eitjes te leggen en de larven die uit de eitjes komen hebben vervolgens ook weer eten nodig.

Enkele veel voorkomende hostplanten voor rupsen zijn: dille, venkel, peterselie, aster, passiebloem, stokroos en kaasjeskruid. Bovendien geven bepaalde vlinders er de voorkeur aan hun eitjes te leggen in kersenbomen, essen, wilgen, berken en tulpenbomen.

Kies planten die op verschillende momenten bloeien

Bestuivers hebben weinig aan een bloembed vol tulpen die alleen in het voorjaar bloeien. Dit geldt ook voor asters die alleen bloeien in de herfst. Het is van belang dat je bij het ontwerpen van je bestuiverstuin planten kiest die op verschillende momenten bloeien.

Planten met een opeenvolgende bloei uitkiezen kan zo eenvoudig of uitgebreid als je zelf wil. Sommige mensen kiezen ervoor om bloeiende bollen tot op de week nauwkeurig te timen, dit levert een continu wisselende kleurenpracht op in je tuin. Andere mensen kiezen liever voor een paar langbloeiende soorten, zoals hortensia, rozen, tijm, bieslook en Oost-Indische kers. Daarnaast kun je er ook voor kiezen om een paar vroegbloeiende en een paar laatbloeiende bloemen (zoals zonnebloemen) in je tuin te zetten. Zo hebben de bestuivers zowel voor als na de winterrust goed te eten.

Plant bloemen bij elkaar in groepjes

Veel bestuivers zijn niet de sterkste vliegers en kunnen slechts korte afstanden tussen bloemen vliegen. Daarom is het heel belangrijk om bloemen dicht bij elkaar te planten in groepjes. Op deze manier kunnen bestuivers efficiënter tussen de bloemen vliegen en hoeven ze ook niet steeds opnieuw te leren hoe ze verschillende bloemvormen moeten betreden. Deze groepjes van dezelfde bloemen of planten staan ook nog eens heel mooi in je tuin!

Kies voor inheemse planten

Inheemse planten zijn planten die van nature voorkomen in een specifieke streek. Ze zijn plaatselijk geëvolueerd, wat betekent dat ze perfect zijn aangepast aan de bijzonderheden van de omgeving. Dit maakt ze gemakkelijk om te verzorgen, omdat er vaak minder bestrijdingsmiddelen en meststoffen nodig zijn. Ze zijn zelf namelijk al bedreven in het omgaan met plaatselijk ongedierte, weerpratronen etc.

Inheemse planten en inheemse bestuivers zijn vaak ook symbiotisch geëvolueerd om elkaar optimaal te helpen. Inheemse planten profiteren van bestoven worden, waardoor ze zaden en vruchten kunnen produceren. Inheemse planten zijn dus ook geëvolueerd om extra verleidelijk te zijn voor inheemse bestuivers. Qua vorm, kleur en geur zijn ze voor hen het makkelijkst te bestuiven.

Leg een kruidentuin aan

Oregano, salie en tijm doen het heerlijk in allerlei recepten, maar wist je dat bestuivers er ook dol op zijn? Laat kruidenplanten daarom in je tuin staan, ook nadat je kruiden geplukt hebt. De meeste gewone keukenkruiden die je aan hun lot overlaat, krijgen schitterende paarse, gele en witte bloemetjes die bestuivers aantrekken. Een van de gemakkelijkste manieren om bestuivers welkom te heten in je tuin (of op je balkon).

Laat onkruid (gedeeltelijk) staan

Paardenbloemen en klaver worden vaak weggezet als ‘onkruid’, maar bestuivers zijn er gek op! Wilde guldenroede en asters zijn vaak laatbloeiers, maar hun nectar helpt bestuivers om strenge winters te overleven.

Het kweken van een bestuivershabitat doet je misschien anders denken over wat onkruid is en wat niet. Als het nuttig is voor bestuivers, overweeg dan om het te laten staan. Wil je toch onkruid wieden, haal dan vooral planten weg die andere planten (die ook aantrekkelijk zijn voor bestuivers) verdringen.

Vervang je grasmat door een bestuiversgazon

Inmiddels knijp je een oogje dicht als klaver en paardenbloemen in je tuin verschijnen. Bestuivers zijn er immers gek op! Maar heb je er ooit aan gedacht om een bestuiversgazon aan te leggen in plaats van de bekende grasmat? Al dat gras is als een dorre woestijn voor bestuivers. Gras heeft geen bloesems, levert geen nectar en kan zelfs de bodem uitputten.

Er bestaan echter alternatieven. Overweeg bijvoorbeeld de aanleg van een klavergazon. Een klavergazon kun je boven op een bestaande grasmat laten groeien door een fijne laag mulch over je gras strooien voor je klaverzaadjes zaait. Zo hebben de zaadjes plaats om te wortelen.

Wil je een drastische verandering of heb je nog geen grasmat? Je kunt klaver ook direct op kale grond zaaien. Klaver levert nectar voor bestuivers, maar verbetert ook de bodemstructuur en de hoeveelheid voedingsstoffen in de bodem, hoeft minder vaak gemaaid te worden dan gras en is beter bestand tegen droogte. Je kunt naast klaver ook kiezen voor aardbei, wilde viooltjes, wilde tijm en hondsdraf om een bestuiversgazon te creëren.

Heb je geen zin om een volledig nieuw gazon aan te leggen? Verklein je bestaande gazon dan en maak ruimte voor kleine bestuivershabitats. De bijen en vlinders zijn je dankbaar en jij hebt mooi minder gras te maaien!

Sla de hippe planten en bloemen over

Wetenschappers creëren elke jaar prachtige nieuwe hybride planten. Het probleem met deze hybriden is echter dat ze door de mens zodanig genetisch gemanipuleerd zijn dat ze vaak hun natuurlijke geur, stuifmeel of nectar niet meer produceren. Ze zijn dus volledig onbruikbaar geworden voor bestuivers. Sla de nieuwe hippe planten en bloemen in het tuincentrum dus vooral over en kies voor oude, beproefde soorten die al hun oorspronkelijke kenmerken nog hebben en dus nog bestuivers zullen aantrekken.

Versterk het geheel met enkele voederhuisjes

Heet vogels, vlinders en bijen welkom in je tuin met een voederhuisje. Houd je van doe-het-zelven, dan kun je eenvoudig zelf zo’n huisje maken. Een eenvoudig vlindervoederhuisje maak je door een plastic champagneglaasje op een houten staafje vast te maken. In het glaasje doe je een sponsje met nectar erop. Verdeel wat van deze voedershuisjes over je tuin en de vlinders zullen massaal op komen dagen.

Een andere eenvoudige doe-het-zelf-optie is om een ondiepe schaal te vullen met overrijp fruit en deze op een zonnige plek neer te zetten. Bananen, appels, peren en sinaasappels zijn favoriet bij zowel vlinders als bijen. Vervang het fruit dagelijks. Heb je liever een hangend voederhuisje? Maak dan een gaatje in de rand van de schaal of rijg er in macramé-stijl een touw omheen en hang deze aan een haak of tak. Je kunt zelfs nog gekleurde kralen toevoegen om de voederplek beter zichtbaar te maken voor de bestuivers.

Als je een voederhuisje gebruikt, is het niet nodig om nectar in de winkel te kopen. Je kunt deze ook zelf maken. Meng gewoon wat witte suiker met vier delen water en roer tot de suiker volledig opgelost is. Het suikerwater dat overblijft kun je tot twee weken in de koelkast bewaren.

Maak waterplekjes in je tuin

Water is essentieel voor de mens, maar ook voor bestuivers. Al helemaal in een lange, hete zomer. Een waterplek toevoegen aan je tuin kan zo eenvoudig of uitgebreid als je zelf wil, maar wordt zeker gewaardeerd door bestuivers.

De meest voor de hand liggende keuze voor in de tuin is een vogelbad. Niet alleen vogels zijn hier gek op, maar ook veel andere bestuivers zoals bijen en vlinders. Maak het vogelbadje wel twee tot drie keer per week schoon voor de gezondheid en veiligheid van de dieren die er komen drinken.

Je kunt ook kiezen voor een fontein, vijver of waterval. Laat je budget dat niet toe? Met schoteltjes en kommetjes met water verspreid door je tuin zijn bestuivers ook al heel blij!

Maak een vlinderbadje

Ook vlinders hebben wel eens dorst. Ze voeden zich in eerste instantie vooral met nectar, maar hebben ook andere voedingsstoffen nodig. Zo hebben mannetjesvlinders zout nodig.

Om een drinkplekje voor vlinders te maken heb je een ondiep taartblik of schaaltje nodig. Vul het met zand of grind en begraaf het tot de rand in je tuin op een mooie, zonnige plek. Doe er een klein beetje water bij. Niet teveel, want anders kunnen de tere vlinders erin verdrinken. Vlinders komen regelmatig langs, vooral als het heet is, dus vergeet niet om het water af en toe bij te vullen. Je kunt ook kiezen voor een druppelslang, daarmee wordt het drinkplekje automatisch bijgevuld.

Voeg af en toe extra voedingsstoffen aan het water toe door een klein beetje zout, blad- of mestcompost of overrijp fruit in het water te liggen. Als je fruit toevoegt, kies dan bijvoorbeeld voor bananen of sinaasappels, dit zijn vaak de favoriete vruchten van vlinders.

Geen zin om een drinkplekje bouwen? Je kunt er ook voor kiezen om een tuinslang af en toe zachtjes te laten druppelen op een stukje kale grond van je toon. Zo creëeer je een natuurlijke modderpoel voor de vlinders.

Creëer beschutting

Net als mensen kunnen bestuivers niet alleen van voedsel en water leven. Ze hebben ook een veilige plek nodig om te schuilen tegen het weer. Planten kunnen goede beschutting bieden.

Bomen en heggen beschermen bestuivers in de heetste maanden van de zomer en de koudste maanden van de winter. Maar het zijn niet alleen de levende bomen die beschutting bieden. Oude, dode takken en bomen zijn ook een thuis voor veel verschillende soorten bestuivers. Zolang ze geen gevaar vormen, kun je overwegen om dode bomen en takken te laten liggen zodat bestuivers er hun nieuwe huis van kunnen maken.

Laat een deel van je tuin verwilderen

Je kunt ook een schuilplaats creëren voor bestuivers door een deel van je tuin te laten verwilderen. De wilde grassen en planten bieden niet alleen bescherming voor bestuivers, maar er komt ook ruimte aan inheemse planten. Deze inheemse planten zijn zeer in trek bij bestuivers. En, bonus voor jou: je hoeft minder gras te maaien.

Hark je tuin eens wat minder

Bestuivers overwinteren in gevallen bladeren en ander dood plantenmateriaal. Je helpt ze dus door je tuin niet teveel aan te harken. Natuurlijk mag je wel een gedeelte van je tuin netjes maken, maar sla een paar stukken over tot het volgende voorjaar, zodat er een veilig toevluchtsoord blijft voor bestuivers die schuilen voor de kou.

Maak schuilplekjes voor bestuivers in je tuin

Bestuivers schuilen dus in bomen, heggen en oud plantenmateriaal, maar er zijn nog meer verstopplekjes voor ze. Denk aan open, kale grond, mulch, houtstapels en composthopen. Heb je de ruimte, maak dan een paar van die schuilplekken in je tuin. Zo kunnen bestuivers zelf kiezen waar ze het liefst schuilen.

Plaats een vogelhuisje of vleermuiskastje

Mensen denken bij ‘bestuivers’ als eerste aan bijen en vlinders, maar vogels en vleermuizen zijn ook uitstekende bestuivers. Bovendien ontdoen ze je tuin van veel ongewenst ongedierte. Moedig ze dus vooral aan om hun intrek in je tuin te nemen, door een vogelhuisje of vleermuiskastje op te hangen. Hoe meer je er toevoegt, hoe beter.

Zet een insectenhotel in je tuin

Insectenhotels zijn kleine huisje die speciaal gemaakt zijn om bijen, lieveheersbeestje en andere bestuivers te laten overwinteren. Je kunt er eentje (online) kopen, maar zelf een insectenhotel knutselen behoort ook zeker tot de mogelijkheden. Je maakt al een insectenhotel door aan de rand van je tuin een paar boomstammen op elkaar te stapelen. Ook kun je wat bakstenen op elkaar stapelen of wat stukken hout aan elkaar spijkeren. De kieren vul je vervolgens met gedroogd plantenmateriaal, kleine stokjes, dennenappels of afgeknipte stukjes bamboe. Zet het insectenhotel vervolgens altijd op een droge, beschutte plek. Bijvoorbeeld onder een boom met voldoende bladeren, of onder de dakrand van je huis.

Gebruik geen chemische meststoffen

Chemische meststoffen kunnen je planten tijdelijk oppeppen, maar als je de bodem wilt verbeteren kun je beter compost gebruiken. Er zijn verschillende mogelijkheden. Zo kun je kiezen voor koud of war composteren. Of je kiest voor moderne methoden zoals Bokashi-compostering of composteren met wormen. Welke manier je ook kiest, door te composteren verbeter je je tuin voor de langere termijn. Je planten worden gezonder en ongedierte in je tuin neemt af. Ook heb je geen synthetische meststoffen nodig, die schadelijk zijn voor je eigen gezondheid en voor bestuivers.

Verminder ongewenste plagen in je tuin

De beste manier om ongewenste plaagdieren in je tuin tegen te gaan, is om te voorkomen dat ze überhaupt hun intrek in je tuin nemen. Controleer je planten dus regelmatig op tekenen van aantasting. Als je sporen van aantasting ziet, voer het aangetaste gedeelte dan meteen af en begraaf of verbrand het. Een andere manier om plagen te voorkomen, bijvoorbeeld bij het kweken van groenten, is ieder jaar wisselen van gewassen.

Kies voor biologisch

Hoezeer je ook je best doet, plagen kun je nooit volledig voorkomen. Het is een onvermijdelijk onderdeel van tuinieren. Wat er echter niet automatisch bijhoort, is het gebruik van synthetische bestrijdingsmiddelen. Lees je in over natuurlijk barrières tegen ongedierte, zoals omheiningen en jute banden. Als je toch kiest voor het gebruik van bestrijdingsmiddelen, kies dan voor organische bestrijdingsmiddelen. Laat ook het idee van perfectie in je tuin los, een beetje plantschade hoort er nou eenmaal bij.

Gebruik de ruimte die je hebt, ook als dat niet veel is

Om bestuivers te helpen, heb je geen grote tuin nodig. Zelfs een kleine patio of een bloembak op je balkon kan al nuttig gebruikt worden. Grootschalige geïndustrialiseerde landbouw heeft een boel stukgemaakt en de habitats die er voor bestuivers overblijven, zijn vaak versnipperd en ver van elkaar verwijderd. Dit is problematisch aangezien veel bestuivers niet zo ver kunnen vliegen. Een bak met bloemen op je balkon kan dus al het verschil maken voor bijen die krachten op moeten doen om naar het volgende veld wilde bloemen te vliegen. Zet een ondiep schoteltje water neer, plant een paar kleine bestuiversplanten in de bak, zoals zoete alyssum of kruiden als bieslook, salie en lavendel. Dan weten de bestuivers jouw mini-tuintje wel te vinden!

Andere manieren om bestuivers te helpen

Je tuin bestuiversvriendelijk maken is belangrijk, maar niet de enige oplossing. Ook op grotere schaal moeten er positieve veranderingen komen. Daarom is het belangrijk om de kennis die je hebt opgedaan over bestuivers met andere mensen te delen en het belang van deze beestje aan te stippen. Geef bijvoorbeeld een vogelhuisje, wilde bloemenzaden of een insectenhotel cadeau aan een vriend. Of bezoek samen een mooie tuin om geïnspireerd te raken. Alle kleine beetjes helpen.

Je kunt ook overwegen om vrijwilligerswerk te gaan doen in een buurttuin of te doneren aan stichtingen die helpen om de natuur te beschermen. En zit er een plaatselijke imker in je stad, koop dan je honing daar. Kies bij het boodschappen doen eens voor lokale en biologische producten. Zo draag je bij aan het tegengaan van grootschalige geïndustrialiseerde landbouw, het verminderen van de uitstoot van transportwagens en minder gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Als consument laat je door middel van wat je koopt zien wat je belangrijk vindt en dat je wil dat je geld wordt gebruikt op een manier die bestuivers geen kwaad doet.

Tenslotte

Wij hebben bestuivers nodig, maar zij ons ook. Wij kunnen hun stem zijn en zorgen voor hun habitat en voedsel om te overleven. Bestuivingstuinen zijn een lust voor het oog, maar dien ook echt een belangrijk doel. Je draagt bij aan een toekomst voor bestuivers, of je nou een uitgebreide tuin aanlegt of een eenvoudig voederhuisje ophangt. Help bestuivers waar en wanneer je kan, dat is zo belangrijk!

Benodigdheden:

Praktijkboek Inheemse Flora

Insectenhotel

Bronnen

Scroll naar top